Ik was op vakantie in een klein hotelletje aan de kust van Andalusië. Eindelijk weg uit Nederland, die grauwe regen. Hier scheen de zon volop, heet en plakkerig. De zee rook zoutig, golven kletsten tegen de rotsen. Ik voelde me vrij, anoniem. Niemand kende me hier. Ik kon doen wat ik wilde, vreemden versieren, die rush van het onbekende.

Aangekomen checkte ik in, zweet op mijn huid. De airco in de lobby zoemde loom. Bij de receptie stond hij: Séraphin, een lange, zwarte jongen uit Tsjaad. Spierpieren onder zijn shirt, donkere ogen die me verslonden. ‘Welkom, mevrouw,’ zei hij met een zwaar accent, glimlach breed. Hij hielp met mijn tas, zijn arm raakte de mijne. Elektriciteit. ‘Eerste keer hier?’ vroeg ik. ‘Ja, ik werk hier sinds kort. Gevlucht voor oorlog.’ Zijn stem diep, handen groot.

De ontmoeting en de opbouwende spanning

Die middag op het strand, zag ik hem af en toe voorbijlopen. Ik zwom naakt in een afgelegen baai, zout op mijn tepels. Terug in het hotel, deur op een kiertje, voelde ik ogen. Zijn schaduw. Ik liet het zo. ‘s Avonds op de markt, hij was er, hielp met tassen. Onze blikken kruisten. ‘Je bent mooi,’ mompelde hij. Ik lachte, raakte zijn arm. ‘Jij ook.’ Terug in hotel, hete douche, deur niet dicht. Hoorde zijn ademhaling. Speels spelletje. Zijn laken later, grote vlekken. Jong, geil, masturbeert hij op mij.

Nacht viel, onweer rommelde. Donder als kanonvuur. Mijn kamer muf van airco en zweet. Deur kraakt open. ‘Séraphin?’ Hij trilde. ‘Storm… oorlogherinneringen. Mag ik blijven?’ Bos tussen zijn benen. Ik grijnsde. ‘Bang? Of geil?’ Hij bloost. ‘Beide.’ Ik gooide de dekens weg, naakt. ‘Kom, raak me aan.’ Zijn handen groot, ruw op mijn borsten. ‘Nooit met vrouw geweest,’ fluisterde hij. ‘Leer het maar.’ Kus nat, tong gulzig. Hand omlaag, zijn lul… god, enorm. Dikke stam, eikel tot navel. ‘Fuck, wat een monster.’

De intense nacht en het afscheid

Ik duwde hem neer, zoog eraan. Zoutig, kloppend. ‘Langzaam,’ hijgde hij. Ik op hem, kut nat van opwinding. Richtte hem, zakte. Scheurde me open. ‘Au, langzaam!’ Hij duwde door, vulde me. Pijn en genot. ‘Neuk me!’ Ik schreeuwde, benen wijd. Hij ramde, diep in mijn baarmoeder. Ik kwam, trillend. Hij spoot, hete stralen vulden mijn kut, gutste eruit. Niet slap. Opnieuw, harder. ‘Ja, klootzak, harder!’

Op buik, kont omhoog. Drapen plakten aan zweet. ‘Wil je mijn kont?’ ‘Ja…’ Sperma als glijmiddel, duwde tegen mijn gaatje. ‘Neem me!’ Ik trok mijn billen uit elkaar. Scheurde, brandde. ‘Fuck, je breekt me!’ Diep erin, hele pik. Pijn werd extase, ik jankte van genot. ‘Neuk mijn reet, Séraphin!’ Hij beukte, brulde. Vulde me met zaad, warm en veel. Ik stortte neer, uitgeput. Hij waste me teder onder douche, zout en zweet weg.

‘s Ochtends, zon door gordijnen. Lichaam klopte, voldaan. ‘Dank je,’ zei hij. ‘Ga nu, voordat anderen zien.’ Kus, en weg. Ik pakte in, trein wachtte. Terugreis, herinnering brandde: zijn geur, smaak zweet en zaad, dat gevoel van volheid. Anoniem, perfect. Thuis vertel ik het jou. Volgende reis? Wie weet.

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *