Ik vloog van Amsterdam naar Barcelona voor een weekje zon. De airco in het vliegtuig zoemde monotoon, mijn huid plakte al van het zweet. Aangekomen in het hotel, tropische tuin met palmen en een zwembad. Warmte sloeg in mijn gezicht, zout op mijn lippen van de zeewind. Ik bestelde een sangria aan de bar. Daar zat hij: donker haar, gespierde armen, Spaans accent. ‘Eerste keer hier?’ vroeg hij, ogen twinkend. Ik knikte, hart klopte sneller. Hij was de tuinman, zei hij, Pierre-achtig type, beheerder van de serres. We praatten, lachten. Zijn hand raakte per ongeluk mijn dij. Elektriciteit. ‘Wil je de privĂ©-serre zien?’ fluisterde hij. Ik aarzelde. Ja, waarom niet? Ver weg van huis, anoniem.
We slopen de tuin in, deur kraakte open. Binnen broeierige hitte, vochtige lucht, geur van jasmijn en citrus. Zweet parelde op zijn borst. ‘Je bent mooi,’ mompelde hij, stap dichterbij. Ik voelde mijn slipje nat worden. Zijn lippen op de mijne, ruw, hongerig. Tongen dansend, handen overal. ‘Ik wil je,’ gromde hij. Mijn tepels hard tegen mijn bikini. Vrijheid van de reis maakte me los. ‘Neuk me,’ hijgde ik. Hij tilde me op, drukte me tegen een pot met oranjebloesem. Rokje omhoog, string opzij. Zijn pik hard, dik, duwde tegen mijn kut. ‘Nu?’ vroeg hij. ‘Ja, godver,’ kreunde ik.
De vlucht en de eerste vonk
In mijn hotelkamer, airco koud op onze bezwete huid. Lakens koel, vers. Hij scheurde mijn kleren, zoog aan mijn tieten, beet zacht. Ik greep zijn lul, dikke eikel, aderen pulserend. ‘Zuigen,’ beval hij. Ik knielde, nam hem diep in mijn mond, kwijlde, proefde zout voorhuid. Hij kreunde, ‘ja, sletje’. Duwde me op bed, benen wijd. Tong in mijn gleuf, likkend mijn klit, vingers in mijn druipende kut. Ik kwam gillend, sappen op zijn kin. ‘Nu mijn pik erin,’ gromde hij. Ramde diep, ballen kletsend tegen mijn kont. Hard, snel, neukend als beesten. ‘Dieper, harder!’ schreeuwde ik. Hij draaide me om, hondenstand, greep mijn heupen, pompte genadeloos. Zweet droop, bed kraakte. ‘Ik spuit in je,’ hijgde hij. Ja, vul me! Heet zaad spoot in mijn kut, overvloeiend. We hijgden, trillend.
Daarna, sigaret op balkon, zonsondergang rood. Zijn arm om me, maar ik wist: morgen vlieg ik terug. ‘Dit blijft ons geheim,’ zei ik. Hij knikte, kus. Anoniem, perfect. Nu in het vliegtuig huiswaarts, herinnering brandt. Die pik in me, geur jasmijn, zoutzweet. Vrij, geil, onvergetelijk. Thuis wacht routine, maar dit… dit neem ik mee.