Het was midden jaren zestig. Ik, een Nederlandse meid, op reis in het noordoosten van Madagascar. Ver weg van huis, die vrijheid… Ik stapte in een oude R4 taxi-brousse richting een zuidelijk dorpje. Volgepropt achterin vier passagiers, ik voorin naast de chauffeur. De galerij vol bagage. Warm, zo warm. Zon brandt op mijn huid, zweet parelt in mijn nek.
Vijf kilometer verder stopt hij. Ik zwaai, maar hij aarzelt. ‘Plaats tekort voorin,’ bromt hij. Ik lach: ‘Die vazaha vindt het vast fijn als ik op zijn schoot zit.’ Gelach achterin. De blanke – lang, gespierd, met die typische Franse look – haalt schouders op. ‘Hoe ver?’ vraagt hij. ‘Volgend dorp.’ Ik klim op zijn schoot. Zijn dijen hard onder mijn billen. De piste is hobbelig, 10 km/u max. Lucht door open ramen, maar zweetgeur hangt zwaar. Hij ruikt naar zeep en avontuur. Niet vies.
De Spannende Rit in de Taxi-Brousse
Bij elke kuil bots ik tegen hem. Mijn armen om dashboard, zijn om mijn middel. Borsten strijken langs zijn onderarmen. Stevig, warm. ‘Te zwaar?’ vraag ik in perfect Frans. ‘Nee hoor,’ liegt hij. Ik verschuif, voel zijn pik harder worden onder mijn kont. Ogen op zijn nek, zweetdruppels rollen. Geur van mijn parfum mengt met zijn mannenzweet. Passagiers gniffelen, ik kijk ze giftig aan. Dorp in zicht. Ik stap uit bij de heuvel, zwaai. Hij stapt ook uit, enkele minuten later.
Geen hotel open. Chauffeur wijst naar burgemeester. Die stuurt me terug, twee km noord. Zie hem lopen! ‘Jij?’ lach ik. ‘Zoek kamer.’ ‘Ik bouw bungalows. Douche half klaar, geen wc.’ ‘Rivieren wassen, gat in grond prima.’ Ik lach, huur hem uit. Klim heuvel op, nieuwe rokje, witte blouse. Zijn ogen op mijn gespierde benen. ‘Mooie view,’ zegt hij. ‘Beentjes?’ plaag ik.
Avondeten op veranda. Lampenpetroleum flakkert. Riz, poulet, bananes. Ik in strakke rok, witte blouse. Huid glanst zwart tegen wit. We eten, praten. Na afwas, wandeling. Struikel, val in modder. Hij vangt me, lippen raken. Kus diep, tongen dansen. Borsten tegen zijn borst. Handen op billen. Muggen zoemen. Terug naar mijn hut.
Nachten van Pure Lust en Afscheid
Lessen kleren. Ik in slip en bh, hij in boxershort. ‘Slaap hier, groot bed.’ Moustiquaire neer. Lamp aan. Ik rug naar hem. ‘Slaap je niet?’ Draai om. Kus weer. Zijn pik hard, steekt uit slip. ‘Uittrekken.’ Bh los, tieten zwart, grote tepels. ‘Vierge,’ zeg ik. ‘Alleen wat ik wil.’ Hand om zijn pik, ruk zacht. Op buik, pik tussen tieten. ‘Beweeg.’ Wit tegen zwart, tong op eikel. Spuit op lippen, slik ik. Smeer rest over lijf, vinger kut.
‘Lik me.’ ‘Vieze!’ Maar benen wijd. Grote klit, vingerdik. Zuigen, ze schokt. Schreeuwt in Malags. Komt hard, dijen knellen hoofd. Nu olie. Op rug, benen omhoog. Pik naar kont. ‘Druk!’ Gaat erin, strak, warm. Neuk haar kont diep. Spuit vol. Blijven erin, slapen zo.
Ochtend, rivier. Naakt wassen, kussen. Koffie, jam. Markt, koffieplantage. Avond: steel slip, lok haar naar hut. Pijp hem, slikt zaad. Lik haar klit weer, orgasme. Probeer kont zonder olie, faalt. ‘Neem maagdelijkheid.’ Pik erin, scheurt vlies. Huilt, maar neuk door. Komt zelf, ik vul kut vol sperma.
Volgende dag angstig. ‘Zwanger?’ Betaal gul, kus afscheid. Taxi komt. Nooit meer gezien. Die anonimiteit, urgentie van reis… Nog nat van herinnering.